Bang

Al een paar dagen ben ik angstig en rusteloos. Ik kan amper slapen, alles doet pijn en bij het minste of geringste geluidje zit ik rechtop van schrik. Ik merk dat er heel veel angst in mn lijf zit, veel meer dan ik altijd gedacht heb. Meer dan ik wilde geloven, wilde toegeven.
Ik doe wel stoer en ik vecht ook echt wel, maar diep van binnen zit een bang meisje, dat het liefste heel ver weg wil kruipen. Weg van alles wat er nu speelt. Van de scheiding, van het UWV, van dat lijf dat weigert, van de onderzoeken, van de uitslag donderdag, van de verhuizing die er binnenkort waarschijnlijk weer aan komt. Bang voor wat de toekomst brengen zal. Bang voor eigenlijk alles wat onzeker is. En er is veel onzeker, heel veel. Vrijwel al mn zekerheden zijn de laatste paar jaar weggevaagd. Zo voelt het tenminste, al zullen er mensen zijn die vooral mijn groei zien. Die zien hoe ik vecht, hoe ik keer op keer weer boven water kom, hoe ik elke keer weer mezelf een schop onder mn kont geef om door te gaan.

Maar eerlijk, heel eerlijk? Ik weet niet hoe lang dat nog lukt. Ik ben moe van het vechten, moe van het steeds weer opstaan, moe van het mezelf oprapen als ik weer eens val. En dát maakt me pas echt bang, want ik weet dat ik dan moet gaan opletten. Opletten dat ik niet wegzak, dat ik dingen blijf doen, dat ik voor mezelf blijf zorgen. Ik doe mn best, dat zeker. Maar geloof me als ik zeg dat het een zwaar gevecht is. Elke dag opnieuw.

Advertenties

Alleen en onzeker

Na een drukke week met vrijwel constant mensen om me heen, ben ik vandaag eindelijk weer een dag alleen. Eindelijk ja, hoewel het niet zo fijn is als de laatste maanden. En dat is voor mijn doen eigenlijk best vreemd.

Sinds ik besloot alleen verder te willen gaan, heb ik geen moeite met alleen zijn meer. Voorheen was ik altijd bezig, liefst met meerdere dingen tegelijk, om maar niet bij mezelf en mijn gevoel te komen. Op het moment dat ik dit huisje had (en vooral toen Reus eenmaal hier was) mochten die gevoelens er zijn. Ze horen bij het proces waar ik doorheen ga en ze opkroppen heeft geen nut. Dus zorg ik dat ik voldoende momenten heb waarop ik alleen ben en niks moet, sterker nog: ik voel steeds meer dat ik die momenten echt nodig heb. Ik geniet ontzettend van het niemand om me heen hebben, doen wat ik wil en nergens rekening mee hoeven houden. Ook het toelaten van alles wat er door mn hoofd en lijf raast lukt me steeds beter en ik merk dat ik mezelf een leuker mens vind als ik dat toesta. Dat ik makkelijker tot rust kom, mezelf minder in de weg zit en ik van alles beter kan overdenken.

Maar vandaag is anders. Door alle drukte van de afgelopen week (lange leve een week vol onderzoeken en andere afspraken) ben ik amper alleen geweest. Vandaag ben ik voor het eerst weer alleen en dat komt dubbel en dwars binnen. Ik ben onrustig en lusteloos, maar vooral moe. Heel erg moe.
Ik merk dat die onderzoeken nu al heel veel met me doen, zonder dat ik nog een uitslag heb. Die volgt donderdag, maar ik heb zelf wel al door dat ik enorm veel heb ingeleverd. Fysiek wist ik dat wel, maar dit keer werd ik ook op mentaal/cognitief vlak even met mn neus op de feiten gedrukt. Ik ben in de verste verte niet meer wie/hoe ik was en dat doet pijn. Veel pijn. Het is enorm confronterend om te voelen dat hetgeen waar ik altijd op heb kunnen bouwen (mijzelf) veel verder afgebrokkeld is dan ik door had. Dat klinkt voor sommige mensen misschien dramatisch of overdreven, maar aangezien ik al zoveel heb moeten inleveren raakt dit me hard. Ik ben nu eenmaal iemand die altijd heeft kunnen vertrouwen op dingen als mn geheugen, kwaliteiten in werk en mijn karakter in het algemeen. Nu voelt het alsof er een flinke deuk is geslagen in dat fundament, het maakt dat ik minder zeker ben van hoe ik mijn toekomst voor me zie. Ik heb al zoveel moeten bijstellen sinds ik 2 jaar geleden niet meer kon werken en nu had ik eindelijk een doel voor mijzelf gevormd waar ik naartoe wilde werken. Haalbaar, iets wat ik écht wil en waarvan anderen ook vinden dat het bij mij past. Maar nu is er dus die deuk, die ook dát aan het wankelen heeft gebracht. Het maakt me onzeker, op een heel aantal fronten want het heeft invloed op zo ontzettend veel dingen. En als ik ergens slecht tegen kan bij mezelf is het onzeker zijn, ik ben juist zo blij dat ik zoveel van die onzekerheid kwijt was…

Maar first things first. Voor nu eerst weer even rust creëren en dan donderdag de uitslag van de onderzoeken, inclusief een advies over behandeling. Van daar uit verder kijken. Stapje voor stapje. Lastig, maar ik heb voor hetere vuren gestaan dus ook dit kan ik. Hoe heb ik nog even niet duidelijk, maar mijzelf kennende komt dat vanzelf. Ik heb het altijd gered, dus nu ook. Toch?

2017

Zoals eigenlijk elk jaar ook nu weer een terugblik op het afgelopen jaar. Waar ik voorgaande jaren al dacht dat ik de ergste ellende en onrust wel had gehad, was dit jaar nog véél onrustiger.

2017 begon zoals 2016 eindigde: midden in het herstellen van de gigantische fibro-aanval die ik in februari van 2016 voor mn kiezen kreeg. Achteraf is dat herstellen maar voor een deel mogelijk geweest tot nu toe, maar ik kan zeggen dat ik absoluut mn best heb gedaan. Ik ben inmiddels volledig van de morfine en lyrica af (beiden enorm giftige middelen), doe het naar omstandigheden goed en dop mijn eigen boontjes. Maar dat is wel een hele grote sprong vooruit, laat ik even wat stappen terug doen.
Ik was met de jaarwisseling nog geen maand thuis uit het ziekenhuis na een opname om van de medicatie af te komen. Ik had nog geen idee wat me allemaal nog te wachten stond, misschien maar goed ook. In januari begon ik met therapie-groepen om om te leren gaan met chronische pijn en wat dat in mijn dagelijks leven betekende. Uiteindelijk heb ik dit eind augustus moeten afbreken, ik hoop dit komend jaar weer op te kunnen pakken. Van februari tot mei heb ik keihard gewerkt in het revalidatie-traject, wat absoluut zn vruchten afgeworpen heeft. Door alles wat ik in de afgelopen paar jaar meegemaakt heb qua ziek worden, afhankelijk worden en uiteindelijk weer steeds zelfstandiger kunnen functioneren ben ik wel veranderd. Of nog veel meer geworden wie ik eigenlijk al was, maar niet kon zijn voor mn gevoel eigenlijk. Dat leidde, samen met andere dingen, tot de keus om na iets meer dan een jaar huwelijk te willen scheiden. Een grote, pijnlijke en heftige keus, maar tot op de dag van vandaag nog altijd een waar ik volledig achter sta. Een keus met grote gevolgen, maar wel eentje die ik weer zou maken. Ook (of misschien juist wel) met de kennis van nu. Zonder inhoudelijk iets te willen zeggen over de tijd er voor (ik wil niet naschoppen of dingen zeggen die verkeerd geïnterpreteerd kunnen worden), ben ik nu vele malen meer mijzelf en gelukkiger dan een jaar geleden. Ik ben op mn gezicht gegaan, maar vooral elke keer weer opgekrabbeld. Ik heb mezelf en anderen versteld laten staan van wat ik zelf kon en kan. Ik heb oude en nieuwe vriendschappen opgepakt, afscheid genomen van mensen en anderen moeten laten gaan zonder afscheid te kunnen nemen. Ik ben verhuisd naar een plek waar ik niemand kende, in mn eentje en in een situatie die op elk front onzeker was. Ik heb hele diepe dalen gekend, maar zonder twijfelen ook heel veel hoge toppen. Ik heb elke kans die ik kreeg om mezelf beter te leren kennen of mn leven een beetje fijner te maken met beide handen aangegrepen en niet meer losgelaten tot ik kon zeggen dat ik tevreden was.

Betekent dat dat ik er nu ben? Nee, uiteraard niet. Ik ben nog altijd niet iemand die achterover leunt en het wel prima vindt, ik blijf altijd streven naar iets dat nóg fijner, mooier, leuker of beter is. Maar wel binnen dat mogelijk is en wat goed voelt. Er staan genoeg dingen op mijn wensenlijstje voor komend jaar en daar ben ik heel blij om. Want een mens moet blijven dromen vind ik. Dromen maken je leven mooier en zorgen er voor dat je wat hebt om naar uit te kijken, naar vooruit te werken. Zelfs of misschien wel juist als ze groots zijn en je er een beetje bang van wordt. Want ik heb geleerd dat die dromen absoluut de moeite waard zijn.

Voor nu vind ik echter wel dat het staartje van dit jaar lief voor me mag zijn en me even die rust mag geven die ik wel gebruiken kan. Dus ik ga die dagen doorbrengen met mensen die me lief zijn en met de mensen die ik niet meer zie dit jaar plannen maken voor 2018. Dat is gelijk het voornaamste dat ik wil komend jaar: geluk, vriendschap, een beetje gezondheid en liefde. Want ik blijf er in geloven, in die liefde. In welke vorm dan ook.

Voor mijn kindjes

Ik schreef er lang geleden al eens over (zie deze blog hier), maar er is sindsdien zoveel veranderd en ik ben vooral zoveel veranderd, dat het voelt om er eens opnieuw over te schrijven. Vandaag is het daarnaast Wereldlichtjesdag, bedoeld om alle kindjes die tijdens de zwangerschap of net na de geboorte zijn overleden te herdenken.
Ik heb allebei mijn kindjes vroeg in de zwangerschap verloren, nog voor de “veilige” datum. Ik heb er nooit veel over gepraat, om allerlei redenen. Er zijn dus ook niet veel mensen die er weet van hebben, eigenlijk alleen dierbare vrienden. Ik vind dat dit mag veranderen, want het verlies van mijn kindjes is een deel van mij. En wie mij wil (leren) kennen, mag dat deel ook kennen. Ik wil geen geheim er van maken, dat verdienen zij niet en dat verdien ik niet. Zij mogen er zijn, ook al zijn ze er niet fysiek. Of misschien wel juist om die reden, want als ik ze er niet laat zijn zijn ze er helemaal niet.. Vanavond stak ik voor hen twee kaarsjes aan, terwijl ik er normaal veel meer aansteek. Twee stuks, naast elkaar op een tafeltje. Normaal brand een kaarsje ongeveer 4 uur, maar deze twee niet. Allebei gingen ze nog voor het uur uit, vlak na elkaar. Na nog geen kwart van de tijd, zoals ik ook mijn kindjes nog geen kwart van de zwangerschap bij me mocht hebben. Ik kreeg kippenvel toen ik het zag en nu ik het schrijf weer. “Toeval bestaat niet” wordt wel eens gezegd, ik geloof hoe langer hoe meer dat dat waar is.
Vanavond worstel ik dus even flink met mijn verdriet, het gemis van mijn kindjes. 11 en 9 zouden ze zijn, als alles was gegaan zoals het volgens het boekje hoort. Wat zou mijn leven er anders uitzien als dat zo was gelopen… Ik mis ze enorm, maar tegelijk weet ik inmiddels dat het beter is zo. Hoewel dat een hele schrale troost is, want het neemt niks van de pijn weg. Ik weet dat het voor hen én voor mij beter is dat het niet zo gegaan is. Dat dit is hoe het heeft moeten zijn. hoe lastig het soms ook is en hoezeer mn hart ook breekt als ik er aan denk.
En ja, dan worstel ik ook met mijn verlangen om moeder te worden en dat de tijd daarvoor steeds krapper wordt. Ik heb wel een poosje geleden iets besloten, wat de paar mensen die ik het vertelde niet verbaasde maar mijzelf eigenlijk wel. Wat er ook gebeurt qua relaties enzo: ik ga mijn kindjes broertjes of zusjes geven, ook als er geen pappa in beeld is. Ik wil niet afhankelijk zijn van een man (of vrouw) om mijn kinderwens vervult te zien worden. Ik kan zelf ook voor een kind zorgen, op alle manieren. Ik heb meer dan genoeg liefde in me om hem of haar een hele liefdevolle start te geven. En op het moment dat er dan iemand voorbij komt die ik een toevoeging vind in het leven van mijn kind(eren) en mij, dan is diegene welkom. Maar ik ga er niet meer op wachten, in de hoop dat het gebeurt voor ik niet meer durf of settelen voor de verkeerde om maar moeder te worden. Dan liever een BAM (Bewust Alleenstaande Moeder), wetende wat ik een kind kan bieden en dat een ander uitsluitend een toevoeging is. Liever dat dan mijn kind het gevoel te geven dat ik hem/haar een waardeloze vader heb gegeven, soms is weten wat je (niet) hebt een betere keus dan kiezen voor een mindere optie.

Dus voor nu zeg ik: lieve kindjes, mijn vlindertjes, mijn T en B, ik hou van jullie. Ik ben in mijn hart altijd jullie mamma geweest en zal dat altijd blijven. Jullie blijven altijd mijn eerste kindjes, ook al zijn jullie niet hier. Ik denk aan jullie en ik ga jullie broertjes of zusjes overspoelen met liefde. Liefde die ook jullie verdienen, maar ik jullie niet kan geven. En ooit, hopelijk over heel veel jaar pas, zie ik jullie eindelijk en dan krijgen jullie die liefde ook.

“Little life inside of me
I’m sad to say that you weren’t meant to be
Little love inside I feel
With you I’ve had my eyes and see the world like me
You, you I lost you
If only you were here to call me mum”

Uit I’ll find You – Jennifer Ewbank

Mental illness, oftewel stempeltjes

Ik vind het doodeng om dit te delen, maar ik denk dat ik er op de lange termijn goed aan doe om open kaart te spelen. En ik wil dat het goed met me gaat, nu én op de lange termijn het liefst.

Niet veel mensen weten het van mij, maar ook ik heb een “mental illness”..
Psychische aandoening heet het officieel in het Nederlands, maar ik noem het meestal een stempeltje. Klinkt net even wat minder zwaar, want leven met een stempel is al zwaar genoeg. Leven met meerdere stempeltjes helemaal. Niet dat ik kan vergelijken, want ik weet niet beter maar dat is wat mij verteld is door de mensen die ervoor geleerd hebben. Dat neem ik dus maar aan. Ik wil liever niet ingaan op welke stempeltjes het zijn, dat is nog veel te eng. Misschien ooit, maar ik durf er niks van te zeggen…
In periodes zoals nu, waarin het leven toch al lastig is, steken die stempeltjes de kop weer op. Ik moet knetterhard vechten om overeind te blijven de laatste tijd en dat lukt het ene moment beter dan het andere. Vanavond is het lastig en afgaande op mijn (ruime) ervaring met mijn stempeltjes zullen de komende dagen dat ook zijn. Ik duik dus misschien even onder, of juist niet, maar ik kom altijd wel weer boven drijven. Wees dus niet ongerust als ik niet online ben of je berichtje wel lees, maar niet reageer. Dat ligt niet aan jou, maar aan mij. Of beter gezegd: aan mn stempeltjes, want ik ben gelukkig meer dan alleen maar dat.

Schrijven, of in elk geval een poging daartoe…

Een poosje geleden heb ik besloten om weer te gaan schrijven. Met alle drukte en het gedoe van de laatste tijd is het er bij ingeschoten en ik merk dat ik het nodig heb. Mijn voornemen is om 2 keer per week te gaan schrijven, maar dit zegt niks over of en hoe vaak ik dit online zal zetten. Ik schrijf, zoals altijd, in de eerste plaats voor mijzelf en niet voor anderen.

Er is in de laatste 2 maanden zoveel gebeurd en ik heb eigenlijk maar weinig tijd genomen om hier mee bezig te zijn of bij stil te staan. Een week of vier geleden brak het me op en heb ik besloten om weer te gaan schrijven én ben ik begonnen met gesprekken bij de praktijkondersteuner in de nieuwe huisartspraktijk hier. Die gesprekken lopen, maar dat schrijven is blijven liggen. Daar moet ik zelf tijd voor maken en aangezien de structuur ver te zoeken is geweest de laatste tijd wil ik dit anders aan gaan pakken.
Vandaag heb ik in elk geval een start gemaakt door een nieuwe bullet journal te kopen en allerlei tape’jes, stickers en mooie stiften en pennen om die mee te versieren. Het geeft me ruimte om een stukje creativiteit kwijt te kunnen, mezelf te motiveren en wat structuur aan te brengen in de chaos die er nu in en om me heen heerst. Ik doe maar wat, klooi wat aan de hele dag en uiteindelijk is er ’s avonds weer niks gedaan. Een basisritme is er gelukkig wel (maaltijden, slapen, medicijnen, douchen enzo gebeuren gewoon), maar qua huishouden of verwerking kom ik geen steek verder. Ik hoopte dat het me zou lukken om te schrijven, maar zowel gisteravond als nu komt er eigenlijk niks uit mn handen. Ik weet het ook even niet….

Raak, auw..

Half tien ’s avonds, mijn reguliere bedtijd na een pittige dag. Ik zet de tv nog even aan en zie een programma in de tv-gids dat me direct trekt.

Ik kijk “Z Doc: De Dokter Die Geen Medicijnen Meer Voorschrijft”. Het eerste dat ik zie is een jonge vrouw die chronische pijn heeft en zegt “Ik wil gewoon kunnen werken en leven, en niet het gevoel hebben alleen maar te bestaan.” Het is alsof ik mezelf hoor praten, zeker als ik een dag als vandaag heb waarop mn lijf niet mee wil werken. Begrijp me niet verkeerd: ik heb ook goede dagen hoor, maar het gevoel blijft. En dat is een vreselijk gevoel, want je wil zóveel meer dan alleen maar bestaan als je 31 bent. En ik verwacht niet dat ik alles kan, maar dit kan niet alles zijn..

Ook bij haar kunnen ze niets vinden, ze is maar 5 jaar ouder dan ik en slikt ook een flinke berg medicijnen. De huisarts die de ‘hoofdrol’ speelt in de documentaire is er van overtuigd dat hij de patiënten die bij hem komen zonder medicijnen kan helpen om van hun klachten af te komen of in elk geval een heel deel kan verbeteren. Ik ben wat sceptisch, maar ook geïntrigeerd. Ik ben tenslotte ook bezig om van de medicatie af te komen en ik ben heel benieuwd wat hij bedenkt om haar te helpen. Wellicht kan ik er zelf ook wat mee, je weet natuurlijk nooit!

Ik vind het in elk geval heel verhelderend en verfrisserend om dit eens te zien. Tegelijk is het confronterend om te zien hoe het voor een ander is als iemand zo worstelt met pijn en de fysieke beperkingen die dit met zich mee brengt. Alsof ik in een spiegel kijk en die kans krijg ik zelden op deze manier.

Voor wie geïnteresseerd is in deze documentaire, dit is een linkje naar het programma: http://tvgids.tv/18413968 Waarschijnlijk is het ook terug te kijken via uitzending gemist.