Een nieuw fundament

Het zijn heftige maanden geweest, als reactie op een heel aantal jaren waarvan ik nog steeds niet goed kan geloven dat ze echt gebeurd zijn. Maanden waarin ik hoge pieken en diepe, héle diepe dalen kende. Dalen waarin ik bijna mijzelf verloor, maar dankzij vrienden nog de kracht vond omhoog te krabbelen. Opkrabbelend, maar levend besefte ik me dat ik op een kruispunt stond en een keuze had. Ik kon mijn verleden laten winnen of ik kon vaste grond zoeken en kijken wat er mogelijk was. Langzaam maar zeker vind ik nu weer vaste grond onder mn voeten en durf ik weer te bouwen aan een toekomst. Waar ik een paar maanden geleden overtuigd was dat die toekomst er beter niet kon komen, heb ik nu een fundament liggen waarop ik durf te bouwen. Dat bouwen zal absoluut met vallen en opstaan gaan en het zal soms kraken, dat besef ik me ten zeerste. Maar ik besef me ook iets anders: er ligt een fundament dat van mij is, wat gebaseerd op mijzelf. Een ondergrond die soms nog wat steun heeft van anderen maar feitelijk alleen nog hoeft te drogen om sterk genoeg te zijn een nieuw bouwwerk te dragen. Om te zorgen dat dat fundament stevig genoeg is, ben ik bezig het te versterken. Ik ben aan het werken aan steunpilaren, vangnetten en een zachte ondergrond voor als ik eens val. Allemaal om te voorkomen dat ik weer zo ver terug val, zodat ik me op de weg naar beneden vast kan grijpen en niet die hele weg weer af hoef te leggen.

En midden tijdens die bouw, terwijl ik druk bezig was om mijn fundament te storten en de eerste pilaren te zetten kwam jij voorbij. Ineens was je er en had ik er een bouwmaatje bij. Iemand die ook hard aan het werk is, maar daarnaast tijd en ruimte maakt om mij te steunen of aanmoedigen waar nodig. Die me niet op de vingers kijkt, maar wel enorm begaan is. Die mij ook de mogelijkheid geeft steun te bieden, op de momenten en plaatsen waar ik dat kan. Iemand die mij aanvult, onderdeel maakt van zijn leven en soms ook even een spiegel voor kan houden. Iemand die er plots was, maar zo enorm vertrouwd voelt dat het meteen is alsof het altijd zo had moeten zijn. Iemand die mijn angsten niet weg probeert te nemen, maar ze serieus neemt en met liefde beantwoordt. Die aan een half woord genoeg heeft, maar waar ik ook uren mee kan praten.
Dank je wel dat jij die iemand bent, voor alles wat en wie je bent. Je weet wie je bent….

Advertenties

Roerige tijden

Alweer een poosje geleden dat ik een blog plaatste. De reden is even simpel als lastig: ik heb een héle heftige tijd achter de rug. Zonder op details van het hoe en waarom in te gaan, kan en vooral wil ik jullie wel een klein beetje bijpraten.

Ik ben iets meer dan een maand niet thuis geweest, omdat ik het zelf even niet meer trok. Ik durf van mezelf te zeggen dat ik een sterk en veerkrachtig mens ben, maar door alles wat er speelde redde ik het even niet meer zelf. Geen schande, wel onhandig. Dus ben ik er een poosje tussenuit geweest, weg van huis en haard (en Reus). Om weer bij mijzelf te kunnen komen, veiligheid en structuur terug te vinden en vooral weer in te zien dat ik door kleine stapjes te zetten op eigen benen kan staan terwijl ik dat steuntje in de rug nog even hou.

Inmiddels heb ik mijn oude thuis omgeruild voor een nieuwe: eentje die wél veilig voelt en die ik nu al enorm koester. Ik heb een hoop stapjes gezet de laatste maand, die ik veelal zelf niet zag als belangrijk of een succes. Nu kan ik zeggen dat ik die periode nodig had om te komen waar ik nu ben. Op een andere plek, letterlijk en figuurlijk in positieve zin. En dat terwijl de datum waarop alles samenviel tot nu toe altijd een dag met een pijnlijk randje was, eentje waar ik mezelf elke keer weer over op de kop zat. Maar blijkbaar had ik deze loodzware periode nodig om te komen waar ik nu ben en naartoe ga. Een nieuwe, verbeterde, sterkere, niet-bange ik.

Ik ben nog niet klaar met de “renovatie”, nog lang niet. Ik ben voorlopig nog wel een poos zoet met knetterhard werken. Werken aan mezelf en mijn toekomst. Die durf ik weer te zien, ik durf weer een beetje verder vooruit te kijken. Hoewel ik niet de hele trap zie en weet dat ik soms een paar treden naar beneden zal donderen, durf ik het aan. En dat is zo’n enorm verschil met een paar weken geleden dat ik het zelf soms bijna niet kan geloven. Maar ik ben er weer, of nog steeds. Met dank aan de mensen om me heen, maar vooral “op eigen kracht”. Nu ga ik me richten op “zinvol vooruit”, want die eigen kracht weet ik weer te vinden gelukkig. En mocht ik tóch eventjes de weg kwijt zijn, dan heb ik fantastische mensen om me heen. Dat is wel (weer) gebleken….

(De termen “op eigen kracht” als “zinvol vooruit” zullen de meeste van jullie niet zoveel zeggen, maar ze zijn onderdeel van mijn traject. En ik vind de benamingen zo treffend dat ik ze toch wilde verweven in mn blog)

Bang

Al een paar dagen ben ik angstig en rusteloos. Ik kan amper slapen, alles doet pijn en bij het minste of geringste geluidje zit ik rechtop van schrik. Ik merk dat er heel veel angst in mn lijf zit, veel meer dan ik altijd gedacht heb. Meer dan ik wilde geloven, wilde toegeven.
Ik doe wel stoer en ik vecht ook echt wel, maar diep van binnen zit een bang meisje, dat het liefste heel ver weg wil kruipen. Weg van alles wat er nu speelt. Van de scheiding, van het UWV, van dat lijf dat weigert, van de onderzoeken, van de uitslag donderdag, van de verhuizing die er binnenkort waarschijnlijk weer aan komt. Bang voor wat de toekomst brengen zal. Bang voor eigenlijk alles wat onzeker is. En er is veel onzeker, heel veel. Vrijwel al mn zekerheden zijn de laatste paar jaar weggevaagd. Zo voelt het tenminste, al zullen er mensen zijn die vooral mijn groei zien. Die zien hoe ik vecht, hoe ik keer op keer weer boven water kom, hoe ik elke keer weer mezelf een schop onder mn kont geef om door te gaan.

Maar eerlijk, heel eerlijk? Ik weet niet hoe lang dat nog lukt. Ik ben moe van het vechten, moe van het steeds weer opstaan, moe van het mezelf oprapen als ik weer eens val. En dát maakt me pas echt bang, want ik weet dat ik dan moet gaan opletten. Opletten dat ik niet wegzak, dat ik dingen blijf doen, dat ik voor mezelf blijf zorgen. Ik doe mn best, dat zeker. Maar geloof me als ik zeg dat het een zwaar gevecht is. Elke dag opnieuw.

Alleen en onzeker

Na een drukke week met vrijwel constant mensen om me heen, ben ik vandaag eindelijk weer een dag alleen. Eindelijk ja, hoewel het niet zo fijn is als de laatste maanden. En dat is voor mijn doen eigenlijk best vreemd.

Sinds ik besloot alleen verder te willen gaan, heb ik geen moeite met alleen zijn meer. Voorheen was ik altijd bezig, liefst met meerdere dingen tegelijk, om maar niet bij mezelf en mijn gevoel te komen. Op het moment dat ik dit huisje had (en vooral toen Reus eenmaal hier was) mochten die gevoelens er zijn. Ze horen bij het proces waar ik doorheen ga en ze opkroppen heeft geen nut. Dus zorg ik dat ik voldoende momenten heb waarop ik alleen ben en niks moet, sterker nog: ik voel steeds meer dat ik die momenten echt nodig heb. Ik geniet ontzettend van het niemand om me heen hebben, doen wat ik wil en nergens rekening mee hoeven houden. Ook het toelaten van alles wat er door mn hoofd en lijf raast lukt me steeds beter en ik merk dat ik mezelf een leuker mens vind als ik dat toesta. Dat ik makkelijker tot rust kom, mezelf minder in de weg zit en ik van alles beter kan overdenken.

Maar vandaag is anders. Door alle drukte van de afgelopen week (lange leve een week vol onderzoeken en andere afspraken) ben ik amper alleen geweest. Vandaag ben ik voor het eerst weer alleen en dat komt dubbel en dwars binnen. Ik ben onrustig en lusteloos, maar vooral moe. Heel erg moe.
Ik merk dat die onderzoeken nu al heel veel met me doen, zonder dat ik nog een uitslag heb. Die volgt donderdag, maar ik heb zelf wel al door dat ik enorm veel heb ingeleverd. Fysiek wist ik dat wel, maar dit keer werd ik ook op mentaal/cognitief vlak even met mn neus op de feiten gedrukt. Ik ben in de verste verte niet meer wie/hoe ik was en dat doet pijn. Veel pijn. Het is enorm confronterend om te voelen dat hetgeen waar ik altijd op heb kunnen bouwen (mijzelf) veel verder afgebrokkeld is dan ik door had. Dat klinkt voor sommige mensen misschien dramatisch of overdreven, maar aangezien ik al zoveel heb moeten inleveren raakt dit me hard. Ik ben nu eenmaal iemand die altijd heeft kunnen vertrouwen op dingen als mn geheugen, kwaliteiten in werk en mijn karakter in het algemeen. Nu voelt het alsof er een flinke deuk is geslagen in dat fundament, het maakt dat ik minder zeker ben van hoe ik mijn toekomst voor me zie. Ik heb al zoveel moeten bijstellen sinds ik 2 jaar geleden niet meer kon werken en nu had ik eindelijk een doel voor mijzelf gevormd waar ik naartoe wilde werken. Haalbaar, iets wat ik écht wil en waarvan anderen ook vinden dat het bij mij past. Maar nu is er dus die deuk, die ook dát aan het wankelen heeft gebracht. Het maakt me onzeker, op een heel aantal fronten want het heeft invloed op zo ontzettend veel dingen. En als ik ergens slecht tegen kan bij mezelf is het onzeker zijn, ik ben juist zo blij dat ik zoveel van die onzekerheid kwijt was…

Maar first things first. Voor nu eerst weer even rust creëren en dan donderdag de uitslag van de onderzoeken, inclusief een advies over behandeling. Van daar uit verder kijken. Stapje voor stapje. Lastig, maar ik heb voor hetere vuren gestaan dus ook dit kan ik. Hoe heb ik nog even niet duidelijk, maar mijzelf kennende komt dat vanzelf. Ik heb het altijd gered, dus nu ook. Toch?

2017

Zoals eigenlijk elk jaar ook nu weer een terugblik op het afgelopen jaar. Waar ik voorgaande jaren al dacht dat ik de ergste ellende en onrust wel had gehad, was dit jaar nog véél onrustiger.

2017 begon zoals 2016 eindigde: midden in het herstellen van de gigantische fibro-aanval die ik in februari van 2016 voor mn kiezen kreeg. Achteraf is dat herstellen maar voor een deel mogelijk geweest tot nu toe, maar ik kan zeggen dat ik absoluut mn best heb gedaan. Ik ben inmiddels volledig van de morfine en lyrica af (beiden enorm giftige middelen), doe het naar omstandigheden goed en dop mijn eigen boontjes. Maar dat is wel een hele grote sprong vooruit, laat ik even wat stappen terug doen.
Ik was met de jaarwisseling nog geen maand thuis uit het ziekenhuis na een opname om van de medicatie af te komen. Ik had nog geen idee wat me allemaal nog te wachten stond, misschien maar goed ook. In januari begon ik met therapie-groepen om om te leren gaan met chronische pijn en wat dat in mijn dagelijks leven betekende. Uiteindelijk heb ik dit eind augustus moeten afbreken, ik hoop dit komend jaar weer op te kunnen pakken. Van februari tot mei heb ik keihard gewerkt in het revalidatie-traject, wat absoluut zn vruchten afgeworpen heeft. Door alles wat ik in de afgelopen paar jaar meegemaakt heb qua ziek worden, afhankelijk worden en uiteindelijk weer steeds zelfstandiger kunnen functioneren ben ik wel veranderd. Of nog veel meer geworden wie ik eigenlijk al was, maar niet kon zijn voor mn gevoel eigenlijk. Dat leidde, samen met andere dingen, tot de keus om na iets meer dan een jaar huwelijk te willen scheiden. Een grote, pijnlijke en heftige keus, maar tot op de dag van vandaag nog altijd een waar ik volledig achter sta. Een keus met grote gevolgen, maar wel eentje die ik weer zou maken. Ook (of misschien juist wel) met de kennis van nu. Zonder inhoudelijk iets te willen zeggen over de tijd er voor (ik wil niet naschoppen of dingen zeggen die verkeerd geïnterpreteerd kunnen worden), ben ik nu vele malen meer mijzelf en gelukkiger dan een jaar geleden. Ik ben op mn gezicht gegaan, maar vooral elke keer weer opgekrabbeld. Ik heb mezelf en anderen versteld laten staan van wat ik zelf kon en kan. Ik heb oude en nieuwe vriendschappen opgepakt, afscheid genomen van mensen en anderen moeten laten gaan zonder afscheid te kunnen nemen. Ik ben verhuisd naar een plek waar ik niemand kende, in mn eentje en in een situatie die op elk front onzeker was. Ik heb hele diepe dalen gekend, maar zonder twijfelen ook heel veel hoge toppen. Ik heb elke kans die ik kreeg om mezelf beter te leren kennen of mn leven een beetje fijner te maken met beide handen aangegrepen en niet meer losgelaten tot ik kon zeggen dat ik tevreden was.

Betekent dat dat ik er nu ben? Nee, uiteraard niet. Ik ben nog altijd niet iemand die achterover leunt en het wel prima vindt, ik blijf altijd streven naar iets dat nóg fijner, mooier, leuker of beter is. Maar wel binnen dat mogelijk is en wat goed voelt. Er staan genoeg dingen op mijn wensenlijstje voor komend jaar en daar ben ik heel blij om. Want een mens moet blijven dromen vind ik. Dromen maken je leven mooier en zorgen er voor dat je wat hebt om naar uit te kijken, naar vooruit te werken. Zelfs of misschien wel juist als ze groots zijn en je er een beetje bang van wordt. Want ik heb geleerd dat die dromen absoluut de moeite waard zijn.

Voor nu vind ik echter wel dat het staartje van dit jaar lief voor me mag zijn en me even die rust mag geven die ik wel gebruiken kan. Dus ik ga die dagen doorbrengen met mensen die me lief zijn en met de mensen die ik niet meer zie dit jaar plannen maken voor 2018. Dat is gelijk het voornaamste dat ik wil komend jaar: geluk, vriendschap, een beetje gezondheid en liefde. Want ik blijf er in geloven, in die liefde. In welke vorm dan ook.

Voor mijn kindjes

Ik schreef er lang geleden al eens over (zie deze blog hier), maar er is sindsdien zoveel veranderd en ik ben vooral zoveel veranderd, dat het voelt om er eens opnieuw over te schrijven. Vandaag is het daarnaast Wereldlichtjesdag, bedoeld om alle kindjes die tijdens de zwangerschap of net na de geboorte zijn overleden te herdenken.
Ik heb allebei mijn kindjes vroeg in de zwangerschap verloren, nog voor de “veilige” datum. Ik heb er nooit veel over gepraat, om allerlei redenen. Er zijn dus ook niet veel mensen die er weet van hebben, eigenlijk alleen dierbare vrienden. Ik vind dat dit mag veranderen, want het verlies van mijn kindjes is een deel van mij. En wie mij wil (leren) kennen, mag dat deel ook kennen. Ik wil geen geheim er van maken, dat verdienen zij niet en dat verdien ik niet. Zij mogen er zijn, ook al zijn ze er niet fysiek. Of misschien wel juist om die reden, want als ik ze er niet laat zijn zijn ze er helemaal niet.. Vanavond stak ik voor hen twee kaarsjes aan, terwijl ik er normaal veel meer aansteek. Twee stuks, naast elkaar op een tafeltje. Normaal brand een kaarsje ongeveer 4 uur, maar deze twee niet. Allebei gingen ze nog voor het uur uit, vlak na elkaar. Na nog geen kwart van de tijd, zoals ik ook mijn kindjes nog geen kwart van de zwangerschap bij me mocht hebben. Ik kreeg kippenvel toen ik het zag en nu ik het schrijf weer. “Toeval bestaat niet” wordt wel eens gezegd, ik geloof hoe langer hoe meer dat dat waar is.
Vanavond worstel ik dus even flink met mijn verdriet, het gemis van mijn kindjes. 11 en 9 zouden ze zijn, als alles was gegaan zoals het volgens het boekje hoort. Wat zou mijn leven er anders uitzien als dat zo was gelopen… Ik mis ze enorm, maar tegelijk weet ik inmiddels dat het beter is zo. Hoewel dat een hele schrale troost is, want het neemt niks van de pijn weg. Ik weet dat het voor hen én voor mij beter is dat het niet zo gegaan is. Dat dit is hoe het heeft moeten zijn. hoe lastig het soms ook is en hoezeer mn hart ook breekt als ik er aan denk.
En ja, dan worstel ik ook met mijn verlangen om moeder te worden en dat de tijd daarvoor steeds krapper wordt. Ik heb wel een poosje geleden iets besloten, wat de paar mensen die ik het vertelde niet verbaasde maar mijzelf eigenlijk wel. Wat er ook gebeurt qua relaties enzo: ik ga mijn kindjes broertjes of zusjes geven, ook als er geen pappa in beeld is. Ik wil niet afhankelijk zijn van een man (of vrouw) om mijn kinderwens vervult te zien worden. Ik kan zelf ook voor een kind zorgen, op alle manieren. Ik heb meer dan genoeg liefde in me om hem of haar een hele liefdevolle start te geven. En op het moment dat er dan iemand voorbij komt die ik een toevoeging vind in het leven van mijn kind(eren) en mij, dan is diegene welkom. Maar ik ga er niet meer op wachten, in de hoop dat het gebeurt voor ik niet meer durf of settelen voor de verkeerde om maar moeder te worden. Dan liever een BAM (Bewust Alleenstaande Moeder), wetende wat ik een kind kan bieden en dat een ander uitsluitend een toevoeging is. Liever dat dan mijn kind het gevoel te geven dat ik hem/haar een waardeloze vader heb gegeven, soms is weten wat je (niet) hebt een betere keus dan kiezen voor een mindere optie.

Dus voor nu zeg ik: lieve kindjes, mijn vlindertjes, mijn T en B, ik hou van jullie. Ik ben in mijn hart altijd jullie mamma geweest en zal dat altijd blijven. Jullie blijven altijd mijn eerste kindjes, ook al zijn jullie niet hier. Ik denk aan jullie en ik ga jullie broertjes of zusjes overspoelen met liefde. Liefde die ook jullie verdienen, maar ik jullie niet kan geven. En ooit, hopelijk over heel veel jaar pas, zie ik jullie eindelijk en dan krijgen jullie die liefde ook.

“Little life inside of me
I’m sad to say that you weren’t meant to be
Little love inside I feel
With you I’ve had my eyes and see the world like me
You, you I lost you
If only you were here to call me mum”

Uit I’ll find You – Jennifer Ewbank